Algemene processen

Sommige processen vinden in Mirror op verschillende plaatsen plaats. Om herhaling te voorkomen, worden deze algemene processen hier beschreven. Het gaat om het bepalen van een taakomvang, het zoeken van de school waar een taak zal worden uitgevoerd en het bepalen van de vakken die een taak gaat geven op een school in het vo. Deze modules zijn bijvoorbeeld nodig in de instroommodule, maar bijvoorbeeld ook indien iemand besluit op een andere school te gaan werken met mogelijk een andere taakomvang. Op de onderliggende pagina's worden deze algemene modules besproken.

Taakomvang

In de praktijk is de taakomvang van taken niet random verdeeld, maar zien we pieken bij een full-time taak en taken van een geheel aantal halve dagen per week. Het komt ook voor dat een taak meer dan full-time is. Om dit verdelingsaspect in de simulatie terug te laten komen is het bepalen van een taakomvang een getrapt proces, zoals weergegeven in onderstaande figuur.

Eerst wordt met een logit model bepaald of men minimaal een voltijdstaak krijgt.

  • Zo ja, dan wordt met een logit model gekeken of het meer dan voltijd betreft.
    • Zo ja: de omvang wordt bepaald met een lineaire regressie.
    • Zo nee: de taakomvang is 1 fte.
  • Zo nee, dan betreft het een deeltijdtaak en wordt met een logit model bezien of het een geheel aantal halve dagen betreft.
  • Zo ja, dan wordt met een ordered logit model bepaald hoeveel halve dagen het betreft.
  • Zo nee, dan wordt met een lineaire regressie de taakomvang bepaald.

Bij het modelleren van kleine stromen worden soms vereenvoudigingen toegepast, bijvoorbeeld door geen taken groter dan fulltime toe te laten, of door af te zien van de tussenstap waarin bepaald wordt of de taakomvang een geheel aantal halve dagen bedraagt en zo ja, hoeveel.

School zoeken

In verschillende modules moet naar een school gezocht worden waar een persoon gaat werken. Bijvoorbeeld indien iemand een taak erbij krijgt (al dan niet na taakverlies) of bij instroom. De daarbij gehanteerde procedure is gestandaardiseerd in Mirror.

In de implementatie van Mirror worden scores aan scholen toegekend op basis van het gewenste schooltype, vak (in het vo), regio en taakomvang om te bepalen wie waar gaat werken. De school die de hoogste score krijgt toegewezen op grond van de voorkeuren van de persoon “wint” vanuit de gedachte dat de best passende school de voorkeur verdient. We geven hier een wat vereenvoudigd beeld van de procedure die gevolgd wordt.

De scores zijn zodanig gekozen dat men instroomt in de regio van voorkeur indien men daar het gewenste vak kan geven. Indien dat niet kan wijkt men uit naar een direct naastgelegen regio. Lukt dat ook niet en gaat het om het eerstegraadsniveau, dan wordt dit proces vervolgens doorlopen voor het tweedegraadsniveau. Lukt ook dat niet dan wordt dit proces herhaald voor verder weg gelegen regio’s.

Bij gelijkwaardige scores wint de school met hetzelfde schooltype als waaraan voorkeur gegeven wordt. In alle gevallen geldt dat er een vacature op de school moet zijn en dat er binnen de regio geen overschot aan het betreffende vak mag zijn (bijvoorbeeld omdat op andere scholen teveel leraren in dat vak aanwezig zijn ten gevolge van krimp).

Voor andere sectoren dan het vo speelt vak geen rol in de bepaling van schoolscores en tellen alleen beschikbare ruimte, voorkeursregio en voorkeursschooltype een rol.

Vakken bepalen (vo)

Als een leraar instroomt en bij een school gaat werken, moet bepaald worden welke vakken hij gaat geven en van welke graad. Uitgangspunt is daarbij dat de leraar bevoegd moet zijn voor het vak dat hij gaat geven en uiteraard dat er ruimte is om dat vak te geven. Voor instromende afstudeerders wordt de bevoegdheid bepaald aan de hand van de informatie over vak en graad waarin men is afgestudeerd. Voor de stille reserve wordt gehanteerd dat men bevoegd is voor het vak of de vakken die men gaf voorafgaand aan uitstroom naar de stille reserve, al hoeft dit strikt genomen in de praktijk niet altijd het geval te zijn.

Van deze mogelijk vakken krijgt de leraar het vak toegewezen waar de meeste behoefte aan bestaat op de school. Daarbij wordt een tweedegraadsvak ook overwogen (met een lagere score) indien het voorkeursvak het eerstegraadsvak betreft. Indien meerdere voorkeursvakken dezelfde score hebben, wordt het vak met de grootste onvervulde vraag op de school gekozen.

Om te voorkomen dat er teveel te kleine taken ontstaan, wordt in zeer beperkte mate toegestaan dat men op een school een grotere taak krijgt dan feitelijk ruimte was in dat vak, mits er op regionaal niveau nog voldoende ruimte is.