Stille reserve

De arbeidsmarktramingen betreffen toekomstige stromen op de onderwijsarbeidsmarkt. Waar het gaat om de instroom van leraren onderscheiden we instroom van (pas) afgestudeerden van de lerarenopleidingen en instroom uit de stille reserve. De eventueel voor instroom beschikbare stille reserve bestaat uit personen die (ooit) als leraar hebben gewerkt maar nu niet meer als leraar in de betreffende onderwijssector werkzaam zijn en uit personen die zich recent hebben aangeboden op de onderwijsarbeidsmarkt, maar geen baan konden vinden. De omvang van deze groep is voor de bve-sector moeilijk vast te stellen, omdat daar andere bevoegdheidseisen gelden.

Details

Omdat de actuele gegevensbestanden geen data van voor 1994 bevatten bestaat de stille reserve uit twee delen: Personen die voor 1994 hun functie als leraar hebben verlaten en personen die vanaf 1994 hun leraarsbaan hebben beëindigd. Op basis van het formatiebestand kan de stille reserve van personen die na 1994 hun leraarsbaan hebben verlaten worden bepaald.

Waar het gaat om het deel van de stille reserve bestaande uit personen die voor 1994 zijn uitgestroomd wordt sinds de eerste Mirror-raming gebruik gemaakt van oudere, niet rechtstreeks aan de formatiebestanden koppelbare, reservebestanden. Hieruit worden elk jaar - met behulp van een benadering via de vorige versie van Mirror - die leraren die intussen weer zijn ingestroomd verwijderd. Dit impliceert dat we dit deel van de stille reserve niet precies kunnen bepalen. De betekenis van deze groep als potentiële bron van nieuw personeel wordt gaandeweg echter steeds kleiner omdat de kans om terug te keren in het onderwijs sterk afneemt met de duur van de afwezigheid.